‘Heej blief ik plekke’

Anja Romme deed voor haar afstuderen aan de HKU ontwerpend onderzoek naar de mogelijkheden van natuurlijk cowerken in krimpgebieden. Aan de hand van de resultaten heeft ze een generiek plan ontworpen voor de Limburgse gemeente Beesel.

“Als ontwerper ben ik een streber die graag werkt in een brede context aan een realistisch resultaat met een poëtisch laagje. Een ontwerp is voor mij pas geslaagd als het behalve schoonheid ook het maatschappelijke doel dient in een jasje van zowel efficiëntie als verrassing.
Behalve aan de stad, ben ik ook verknocht aan het platteland. Ondanks alle avonturen in de stad, kom ik daar tot rust. Dezelfde soort ‘schizofrenie´ herken ik in veel andere, vaak hoogopgeleide Limburgers. Het gebrek aan kansen op de arbeidsmarkt is vaak noodgedwongen het belangrijkste argument om Limburg te verlaten.
Maar we raken steeds meer connected. Waarom werken we nog massaal in ‘kantoortuinen’ in de stad? 43% van de werkenden is ontevreden over zijn werkplek en heeft moeite zich er te concentreren. Men mist ruimte, groen, daglicht en frisse lucht. Ik beantwoord de vraag of ik dit kan faciliteren in gedroomde werkplekken voor landelijk en stedelijk werkenden in Limburgse plattelandsregio’s, waarbij kansen ontstaan voor rurbanisatie.
In mijn onderzoek heb ik verder uitgezoomd dan gebruikelijk voor een interieurarchitect. Het voormalige waterpompstation en het omliggende kavel heb ik in zijn totaliteit herbenoemd tot veelzijdige cowork-locatie omgeven door natuur. De Limburgse identiteit was hiervoor het uitgangspunt, met als belangrijkste karaktertrek de tegenstelling: zelfverkozen eenzaamheid versus gemeenschapsdrift.

Het individu bepaalt zelf met welk doel en welke bijbehorende voorkeur hij komt werken. Het aanbod van mijn ontwerp is flexibel en variabel. Het biedt elke gewenste keuze tussen zelfverkozen eenzaamheid en gemeenschapsdrift, van retraiteplek tot conferentiecentrum. Het voormalige pompstation fungeert als ‘gemeenschapshuis’ en vervult de functies met de meeste gemeenschapsdrift. Eromheen heb ik stulpjes ontworpen in vier varianten. Hoe verder deze van dit gemeenschapshuis verwijderd zijn, hoe meer de gebruiker eenzaamheid verkiest.
De stulpjes zijn geïnspireerd op de Limburgse vakwerkhuizen. Hoe hoger op de schaal van zelfverkozen eenzaamheid hoe verder ze geabstraheerd zijn door gevelbekleding met meer spiegelend oppervlak, zodat ze optimaal integreren in de natuurlijke omgeving. Om dit te optimaliseren zijn de houten spanten voorzien van een coating die mosgroei stimuleert. Verder heeft iedere stulpje een eigen territorium door de afbakening met een lichtinstallatie. Natuurlijk cowerken biedt kansen voor creativiteit en inspiratie, voor ontmoeting of juist afzondering. Voor stedelijk werkenden en studenten kan het een ‘buitenhuis in de natuur’ zijn, terwijl regionale plattelandsbewoners kunnen ‘blieve plekke’ bij de gewenste ‘werkplek om de hoek’.
Ik wil met dit concept actief mee bouwen aan kansen voor rurbanisatie in krimpregio’s. De kracht zit in de natuur, ruimte, geborgenheid en de rondere omgangsvormen.”

+ Media: BNI intern
+ Tekst: Bureau Bax
+ Beeld: Anja Romme